Nieuws



Wachtwoord vergeten?

Voor leden

Welkom op het ledendeel van Anesthesiologie.nl

Lid worden

Wil je lid worden van de NVA? Neem dan contact met ons op!


Lid worden van de NVA

Persbericht: Meer complicaties bij operaties tijdens de nacht - maatregelen om onnodige ingrepen ’s nachts te voorkomen

Complicaties komen vaker voor bij patiënten die ’s nachts worden geopereerd dan bij patiënten die overdag geopereerd worden. Dit wijst recent onderzoek gepubliceerd in het British Journal of Anaesthesia uit. Het onderzoek is gedaan in 146 ziekenhuizen en 29 landen.

In tegenstelling tot eerder onderzoek* laat deze studie zien dat complicaties, zoals gevaarlijke bloeddrukdaling of longproblemen, optreden bij 44% van de patiënten die tussen 20.00u en 7.59u geopereerd worden, versus 34% overdag. Gedeeltelijk kan dit worden verklaard door verschillen in kenmerken van de patiënt, type chirurgie en intraoperatief management, maar dit geldt enkel voor complicaties na de operatie en niet voor de complicaties die tijdens de operatie optraden. In Nederland voeren we daarom beleid om alleen noodzakelijke ingrepen gedurende de nachtelijke uren te laten plaatsvinden en daarin de organisatorische aspecten te optimaliseren.  Uit de studie blijkt namelijk dat een groot deel van de operaties die ’s nachts worden uitgevoerd geen spoedingrepen zijn. 

Op initiatief van de NVA is de leidraad Anesthesiologische zorgverlening in het perioperatieve proces opgesteld om onnodige ingrepen tijdens de nacht te voorkomen. Tijdens de nacht zijn er minder operatieteams aanwezig dan overdag. Dit kan kwetsbare situaties opleveren wanneer onverwacht risico’s optreden waarbij de anesthesioloog niet direct bijstand kan krijgen van een collega. Daarom is het van groot belang dat anesthesiologen invloed hebben op de OK-planning. Daarmee kan de anesthesioloog gelijktijdige risicomomenten voorkomen. Het is zaak spoedingrepen niet gelijktijdig te plannen, tenzij de situatie zo acuut is dat dit noodzakelijk is. De richtlijn beleid rondom spoedoperaties ondersteunt hierbij. Hierin staat omschreven welke spoedingrepen voorrang krijgen.

*Fechner, 2008; Lonze, 2010; Seow, 2004; Shaw, 2012; Switzer, 2013